‘Ik kan toch wel leren’

Jannie zit op Vmbo  in de brugklas en zegt, na een strijd om voor een toets te leren en geslaagde overhoring, opeens verbaasd: “Ik kan toch wel leren”. Zij was er verbaasd over, dat zij tot deze conclusie kwam en dat zij hierover verbaasd was, verbaasde haar  ouders.

Hoe kan het dat Jannie dacht dat zij niet kon leren?

Ergens is in het verleden een situatie geweest die haar dat heeft doen denken.

Jannie is bekend met dyslexie en heeft hiervoor een intensief behandeltraject afgelegd. Lezen vind ze verschrikkelijk, het gaat moeizaam, maar ze kan het wel. Hoewel het wel het laatste is waar ze mee bezig zal gaan. In haar eerste klassen van de basisschoolperiode hoefde ze niet al haar werk af te hebben, concentratie was lastig, ging vervolgens nogal eens haar eigen gang en leidde anderen dan af, dat werd een gewoonte. Dat maakt dat ze bekend kwam te staan als druktemaker en op de irritatie van de onderwijzer werkte.

Als ze aan het werk was werkte Jannie naar het leesvermogen  erg hard,  waar anderen datzelfde met twee vingers in de neus deden, kostte Jannie dat veel energie en tijd. Dat verschil zag Jannie ook wel. Het resultaat viel dan ook nog al eens vaak tegen en dat gaf ook een domper. Op de ouderavonden ging het over het gedrag en extra huiswerk. Ze had het gevoel altijd aan het werk te moeten zijn. Dat leverde verzet op.

De cijfers op het rapport waren niet denderend en het beeld was ontstaan dat Jannie geen hoogvlieger was en dat de verwachtingen aan de ondergrens zaten.  De hoeveelheid lesstof en niveau die door de school werd geboden werd aangepast aan dat wat Jannie liet zien. Dat werd zachtjes aan steeds minder.  Het praktijkonderwijs zou het vervolgonderwijs  worden. De ouders hadden  het VMBO niveau als verwachting. DE ouders merkten dat Jannie met steeds meer tegenzin naar school ging.

Vervolgens is een andere school gezocht in groep 6. Er zijn afspraken gemaakt met de school en Jannie. Het gedrag van Jannie moest acceptabel en werkbaar zijn. Jannie kreeg de normale hoeveelheid werk, er zou geen verschil gemaakt worden met anderen. Dit resulteerde in een verwijzing naar het VMBO, TL nog wel!

 

Leervermogen en leesvermogen zijn twee verschillende dingen en het is van belang dat verschil te maken. Het probleem is echter dat, om te leren moet je lezen. Als lezen je beperkt, hoe kom je bij je leervermogen?

Op het voortgezet onderwijs wordt meer zelfstandigheid van de leerling verwacht en het tempo gaat omhoog. Het is van belang overzicht te houden. Een agenda bijhouden, plannen is een zaak die de brugpieper zich eigen moet maken en lastig vindt. Jannie is linkshandig, dat maakt het schrijven ook niet gemakkelijker, leesbaarder.

Het VMBO heeft regelmatig toetsen en overhoringen, hiervoor dien je te leren. Een keer de begrippen doornemen is lang niet genoeg, hoewel ze er wel mee dacht te kunnen volstaan. Een keer het hoofdstuk ‘doornemen’ is ook geen leren. Jannie dacht dan wel dat ze er klaar mee was. De cijfers vielen tegen.

Leren leren.

Kortom: Hoe bereid je je voor op een so of toets. Hoe pak je dit aan? Dit vraagt aandacht en dat schiet er wel eens bij in. Jannie ontloopt het het liefst. Dat voedt weer de gedachte dat je niet kan leren. Maar is dat terecht? Nee.

Ik ben van mening dat het kind geholpen moet worden, wegwijs gemaakt moet worden. U kunt als ouder/verzorger helpen op verschillende manieren. Met wat steun in de rug zullen de resultaten beter zijn en het is de uitdaging het leren leuk te maken.

 

De leerlingen moeten de stof meermalen doorlezen, LEZEN! Pfff.

Leren, is herhalen en begrijpen wat je leest, of gewoon stampen, rijtjes leren.

 

Tips voor uw (dyslectische) kind om te presteren naar zijn kunnen en mogelijk meer. Door het leervermogen te benutten en leesvermogen te ontlasten.

  • Van belang is een goede basiskennis, klokkijken, tafels, alfabet etc.
  • Help uw kind met de planning, huiswerk maken en weet wanneer er toetsen zijn.
  • Huiswerk maken op een vast tijdstip.
  • Focus op het eerst volgende cijfer, volg de vorderingen.
  • Ga met uw kind op zoek naar zijn manier van leren. (samenvatting maken, onderstrepen, voorlezen, youtube filmpjes waarin de stof wordt uitgelegd, aantekeningen maken, hardop lezen etc.)
  • ‘Knip’ de lesstof voor de toets in stukjes. Eerst het ene kennen dan het andere toevoegen.
  • Help uw kind door voor te lezen uit het leerboek en leerstof uit te leggen.
  • Leren: Samen rijtjes stampen, zingend, over laten schrijven en herhalen
  • Overhoren van leerstof, check of het begrepen is.
  • Kijk naar de opdracht van werkstukken en naar de beoordelingscriteria. Neem informatie en structuur uit de opdracht over in het werkstuk.
  • Beloon het harde werken. Bij Jannie werkte een snoepje, chocolaatje na het huiswerk en een € 1,- bij een toets hoger dan 8. Die beloning is een middel, aandacht, geen doel. Het zelfvertrouwen groeit omdat de prestatie geleverd is en de trots bij het behalen van een 8 is veel meer waard. Uiteindelijk zal het leren gemakkelijker gaan.
  • Bespreek met uw kind de sfeer in de klas en zijn gedrag. Tolereer geen wangedrag. Focus op cijfers en wat de docent vraagt.
  • Dyslectici hebben baat bij veel lezen, help hen hiermee, want van nature zullen het ontlopen.

 

En dan toch tegenvallende cijfers?

Hoewel u weet dat de toets goed is voorbereid en dan toch tegenvallende  cijfers? In dit geval kunt u de toetsen bij de docent opvragen om te kijken waar en hoe de fouten zijn gemaakt en dat bespreken met uw kind. Vermoedelijk zult u onnodige fouten tegenkomen,  bijvoorbeeld: slordig, onduidelijk of onvolledig schrijven of een fout antwoord omdat de vraag is niet goed gelezen.  Door de toets, vragen en antwoorden met uw kind door te nemen leert hij zijn valkuilen kennen en zal de volgende keer  scherper zijn.

Nu staat uw kind hier niet altijd voor leren open, de weerstand voor het leren, uitstelgedrag zal blijven. Een vaste regel wil wel helpen, dat vraagt discipline van u en uw kind probeert er onderuit te komen.

Strijd helpt niet. Hou het speels en geef uw kind vertrouwen, hij heeft een eigen verantwoordelijkheid.  Hiermee omgaan is ook een spel. U kunt altijd inspringen om de aandacht weer bij het huiswerk te krijgen.

 

Jongerensupport kan u ondersteunen en uw kind helpen beter te leren leren!